Sinds vorige week werk ik officieel een dag minder. Of nouja, een paar uur minder eigenlijk.

Meer Zonnebloemen
Dat komt: hoe leuk ik mijn baan bij MVO NL ook vind; ik ben ook sinds 2006 vrijwilliger bij de Zonnebloem. In de eerste jaren heel actief, maar na het overlijden van mijn eerste Zonnebloem-oma vorig jaar kwam de klad er in. En daar baal ik van. Ik vond de tijd niet om weer opnieuw een intensieve ‘Zonnebloem-relatie’ aan te gaan. Maar ik mis het best.

De uitdaging
Officieel ben ik daarom van 40 naar 36 uur per week gegaan. Daar lag wel meteen een uitdaging. Hoe bepaal ik hoeveel werk die 4 uur minder is? Ik doe nu natuurlijk stiekem nog hetzelfde werk als in oktober. Zeker nu de MVO Exchange volgende week is en onze geweldige Grensverleggers ook officieel van start gaan.

Klusjes
Dus zat ik ook vandaag – mijn ‘officiële’ vrije dag- op kantoor en thuis wat klusjes te doen. Het maakt me weinig uit. Want als het straks weer rustiger is in december, is er vast een Zonnebloempje dat op een onmogelijk moment naar een museum wil. En dan doen collega’s ook niet moeilijk.

Nattevingerwerk
Het zette me – in deze prachtige Week van het Nieuwe Werken- wel aan het denken. Het is lastig om vooraf te bepalen hoeveel uur ik aan een klus of taak kwijt ben, want iedere dag en ieder project is weer anders. Het inschatten van uren is in my humble opinion toch vaak nattevingerwerk.

Schijncontract
En dat geldt niet alleen voor mij: hoe commercieel het werk van sommige vrienden ook is, het blijkt vaak lastig om resultaten aan een vast aantal uur te koppelen. Of ze hebben een ‘schijncontract’ van 40 uur, met een impliciete inspanningsverwachting van 70+ uur en gepaste salariëring. Wat heb je aan een contract op uurbasis, terwijl je weet dat je dat structureel gaat overschrijden?

Een interessante vraag dus, vind ik: waarom hebben we een uren-contract? Wordt het niet tijd voor een contract op basis van doelen, of resultaten? En zou ik dan wél tijd vinden voor een nieuwe Z-oma? Hmmm…

//Mees