De Zambiaans-Amerikaanse econome Dambisa Moyo neemt in haar nieuwe boek ‘The Winner Takes All’ een prikkelende stelling in. Ze beweert dat waar het Westen op alle manieren heeft gefaald om Afrika te ontwikkelen, China hoge ogen gooit. China is er volgens haar in geslaagd om in dertig jaar tijd 300 miljoen Afrikanen uit armoede te trekken. De Chinese succesformule is ‘vrije en eerlijke handel’. Ze onderkent het eigenbelang van de Chinezen daarin. China heeft dringend grondstoffen nodig voor haar eigen economische ontwikkeling. Maar de wijze waarop de Chinezen in Afrika handelen, is er een van wederkerigheid. De Afrikanen profiteren van de komst van de Chinezen, terwijl Westerse landen vooral handelsbarrières opwerpen en allerlei morele voorwaarden stellen voor de gegeven ontwikkelingshulp.

Over het standpunt van Moyo zijn de meningen sterk verdeeld. Volgens de auteur en haar medestanders is wat China doet een vorm van eerlijke handel of moderne ontwikkelingshulp, terwijl door veel Westerse partijen de rol van China in Afrika wordt gezien als ouderwetse uitbuiting in lage lonen landen. Wie heeft er nu gelijk?

Zoals zo vaak is voor beide stellingen wat te zeggen. China staat niet bepaald bekend als het toonbeeld van maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar het zou te kort door de bocht zijn om te beweren dat dit land een heel continent uitzuigt en uitbuit. China doet er steeds meer aan om haar staatsbedrijven maatschappelijk verantwoord te laten ondernemen in Afrika. Het land reageert daarmee op een aantal onwenselijke ontwikkelingen zoals de anti-Chinese kandidaat Sata die vorig jaar in Zambia de presidentsverkiezingen won. Chinese mijnbouwbedrijven zouden volgens hem de lokale werknemers ‘uitbuiten’ en als ‘slaven’ behandelen.

Van dat slechte imago van haar staatsbedrijven in het buitenland, dus ook in Afrika, willen de Chinezen af. De Chinese staatsbedrijven worden aangestuurd door de State owned Assets Supervision and Administration Commission (SASAC). Deze overheidsinstantie werd vorig jaar nog door The Economist gekenmerkt als ‘one of the most powerful entities, you’ve never heard of’. Deze commissie is het belangrijkste instituut dat rechtstreeks onder de Staatsraad valt, het kabinet van de Volksrepubliek. Chinese en internationale MVO-experts geven aan dat het SASAC-beleid een grote ‘driver’ is van MVO-implementatie in China met impact op kleinere Chinese en buitenlandse toeleveranciers. SASAC ziet voor hun staatsbedrijven een belangrijke voorbeeldfunctie weggelegd op het vlak van MVO. Juist ook voor degenen die in Afrika actief zijn.

Dat dit niet overal zichtbaar is, of op alle MVO-terreinen wordt ingevoerd, valt niet te ontkennen. Maar we weten inmiddels dat de rol van de Chinese overheid op het economische leven groot is en de implementatie van MVO in Chinese staatsbedrijven de komende jaren weleens sneller kan gaan dan we denken. Het wordt tijd dat we niet alleen naar de schaduwzijdes kijken van de Chinese handelsactiviteiten, maar ook leren van hun ondernemerschap en daadkracht. Daar heeft Moyo zeker een punt. Afrika ligt boordevol kansen voor het bedrijfsleven, en eerlijke handel leidt tot duurzame economische ontwikkeling. Dus ook voor Nederlandse ondernemers geldt: “let’s go Africa” en probeer de Chinezen op alle terreinen bij te benen, ook op MVO-gebied. Dat laatste kan nog weleens moeilijk genoeg worden.

Zie ook dossier MVO in China.

Bron: http://www.wereldburgers.tv/2012/07/26/china-redt-afrika-met-eerlijke-handel/