Als iedere wereldburger zou leven als de gemiddelde Nederlander, dan zouden er 3 planeten nodig zijn. Dat blijkt uit het recente rapport “De Nederlandse voetafdruk op de wereld; hoe groot en hoe diep?” van het Planbureau voor de Leefomgeving. Het landgebruik dat nodig is voor de consumptie van Nederlanders beslaat driemaal de oppervlakte van ons land.

Daar merken we op het gebied van milieuvervuiling weinig van, doordat 85% van de benodigde 10 miljoen hectare voor onze consumptie buiten de nationale grenzen valt. Veel voedsel en goederen die wij consumeren worden niet in Nederland geproduceerd. Een kwart van onze voetafdruk ligt bijvoorbeeld in opkomende markten (China, India, Brazilië, Indonesië, Zuid-Afrika en Rusland) en 10% in andere niet-Westerse landen.

Voetafdruk?

In de voetafdruk is meegerekend: land- en watergebruik, broeikasgasemissies en biodiversiteitverlies voor productie en import van voedingsmiddelen, en broeikasgasemissies gerelateerd aan productie en transport van goederen en recreatie. Wat niet is meegenomen is de druk op (schaarse) niet-biotische grondstoffen zoals aardolie en metalen.

Wat in de voetafdruk ook niet meegerekend wordt is de “sociale” voetafdruk. Deze is deels positief (lokale economische ontwikkeling), maar heeft ook negatieve effecten, zoals uitbuiting van arbeiders, en verdringing van lokale productie. Zoals uit recente berichten weer bleek (Samsung betrokken bij kinderarbeid), (Apple herhaaldelijk negatief in nieuws vanwege slechte arbeidsomstandigheden) is dit een onderwerp dat de aandacht van het publiek blijft vragen.

Dat de ecologische voetafdruk niet houdbaar is mag duidelijk zijn. Wij zijn als mens onderdeel van het systeem aarde en voor ons voortbestaan afhankelijk van de ‘ecosysteemdiensten’ die de aarde ons biedt. Dit betreft niet alleen voedsel en water maar ook schone lucht en allerlei materialen die wij nodig hebben, zoals hout en katoen.

Circulair model

De snel toenemende wereldbevolking en stijgende mondiale welvaart (met bijbehorend consumptiepatroon) dwingt ons op afzienbare termijn af te stappen van het lineaire model van grondstoffen winnen, producten maken en deze na gebruik vernietigen. Dit is simpelweg niet houdbaar. Toewerken naar een circulaire model, waarbij grondstoffen na gebruik niet vernietigd maar weer hergebruikt worden, is niet alleen maar maatschappelijk verantwoord ondernemen, het is ook ondernemen met oog voor de eigen bedrijfstoekomst.

Het PBL-rapport onderstreept maar weer eens dat het excuus “wij kunnen als klein land niet veel invloed uitoefenen, de grote impact zit bij de opkomende economieën” maar ten dele waar is. Zolang wij 85% van onze voetafdruk ‘outsourcen’ dragen wij sterk bij aan het uitputten van de leefomgeving wereldwijd.

MVO Nederland helpt ondernemers bij het verkleinen van hun sociale voetafdruk EN hun milieuvoetafdruk, bijvoorbeeld door het aanbieden van (ook economisch interessante) alternatieve bedrijfsmodellen, en het aandragen en delen van inspirerende voorbeelden. Zo laten onze Grensverleggers zien dat je als ondernemer in het buitenland een goede boterham kunt verdienen met respect voor mens en milieu. Ook het brede scala aan workshops van de MVO Academie en de Netwerken van MVO Nederland helpen uw ondernemers om hun activiteiten toekomstbestendig te maken.

Gerdien Dijkstra (projectmanager Internationaal MVO)

Michel Schuurman (programmamanager Planet)