Nederland stemt voor ontwikkeling internationale richtlijn voor duurzaam inkopen

Frankrijk en Brazilië stellen voor om een ISO-richtlijn voor duurzaam inkopen te ontwikkelen. Zo’n richtlijn moet het organisaties makkelijker maken om maatschappelijk verantwoord in te kopen. De grote vraag is: helpt het inkopers?

Het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN) antwoordt namens Nederland positief op deze vraag: het is de moeite waard om zo’n richtlijn te ontwikkelen. Deze stem kwam voort uit een consultatie onder verschillende stakeholders (overheid, bedrijfsleven, NGO’s, consumenten en kennisinstellingen). Ook MVO Nederland was vertegenwoordigd bij de consultatie, en stemde voor.

Omdat de richtlijn speciaal voor inkopers is bedoeld, is hij extra waardevol, vindt MVO Nederland. Inkopers hebben namelijk de potentie om een olievlek te veroorzaken: leveranciers zullen op hun beurt weer hun leveranciers gaan bevragen, etc.

Voor de beste implementatie van de richtlijn zou die een afgeleide moeten zijn van ISO 26000. ISO 26000 geeft een helder kader voor MVO, maar is nu nog vrij abstract en beknopt over de precieze toepassing ervan. Als de aanvullende richtlijn een praktisch karakter heeft kunnen inkopers er makkelijker mee aan de slag. Later kan datzelfde volgen voor andere bedrijfsprocessen.

Bovendien vindt MVO Nederland het belangrijk dat de richtlijn –net als ISO 26000– ook echt een richtlijn is, en geen eisenstellende norm. Het doel zou moeten zijn om inkopers te helpen samen met hun leveranciers te verduurzamen. Dat proces is voor iedere inkoper anders, en daarom werkt een eisenstellende norm die op alle situaties van toepassing is minder goed.

Zodra alle bij ISO aangesloten landen hun stem hebben uitgebracht wordt internationaal besloten of de richtlijn er komt. Meer hierover op de website van het NEN.

Wij zijn alvast benieuwd naar úw mening.  Zou u geholpen zijn met een internationale standaard voor duurzaam inkopen? En hoe zou zo’n standaard eruit moeten zien? Laat hieronder uw reactie achter!