TokelauIedere organisatie, of het nu gaat om een beursgenoteerde onderneming, een familiebedrijf of een stichting, heeft er baat bij om de maatschappelijke impact van (bedrijfs)activiteiten te meten. Je wilt immers weten of je duurzame plannen inderdaad de gewenste effecten sorteren. Het meten van impact geeft inzicht in wat ‘werkt’ en wat niet.

Aan de hand een impactmeting kun je vaststellen of jouw activiteiten het verschil maken voor mens, milieu en maatschappij. Claims op die gebieden kunnen op deze manier onderbouwd worden, wat de geloofwaardigheid van je MVO-activiteiten ten goede komt.

Door zowel de positieve als negatieve consequenties van je activiteiten in kaart brengen, kun je bovendien beter sturen. Positieve impact kun je vergroten en communicatief uitbuiten, negatieve impact kun je proberen te reduceren.

Het meten van impact is dus een intrinsiek onderdeel van een goede, duurzame bedrijfsvoering. Iedereen zou dat moeten willen.

Maar is het uitvoeren van een impactmeting eigenlijk wel haalbaar voor ieder bedrijf? Het vaststellen in hoeverre bepaalde (maatschappelijke) veranderingen te danken zijn aan jouw activiteiten is behoorlijk ingewikkeld. Want hoe bepaal je nou welke ontwikkelingen echt aan jouw werk toe te schrijven zijn, en wat er toch wel gebeurd zou zijn als je niks had ondernomen? Zelfs in de academische wereld is er geen consensus over hoe je het beste kunt omgaan met deze ‘attributie’.

Het goed meten van impact vereist dus tijd en inspanning, maar als je het aandurft levert het ook veel op: je weet wat werkt.

Koen Verkoijen

Student aan de Radboud Universiteit en stagiair bij MVO Nederland. Koen voert een impactmeting uit bij reisorganisatie Footprint Travel, een partner van MVO Nederland.