Tokelau

Wat was er gebeurd als ik het anders aangepakt had? Of als ik niks had gedaan? Met een antwoord als: ‘dat zullen we nooit weten’ nemen we natuurlijk geen genoegen als we de maatschappelijke impact van een organisatie in kaart willen brengen. Stagiair Koen Verkoijen beschrijft de voetangels en klemmen bij het ‘attributievraagstuk die hij tegenkwam bij het onderzoek naar de impact van FootPrint Travel, een partner van MVO Nederland.

Zoals ook al in het vorige blog naar voren kwam, is het zogeheten attributievraagstuk een lastig maar essentieel onderdeel van het meten van impact. Attributie is ‘de mate waarin de waargenomen resultaten toe te schrijven zijn aan jouw bedrijfsactiviteiten’. Dat solide onderbouwen wordt door velen gezien als een ambitieuze exercitie.

Kies de juiste methode

Voor wie de impact van zijn bedrijf wil meten, is het van belang om de methodologische alternatieven goed op een rijtje te krijgen. Dit omdat iedere impactanalyse verschillend is, onder andere op aspecten als het type project en de beschikbaarheid aan data, tijd en geld. Het kiezen van de meest geschikte methode is sterk afhankelijk van de situatie.

Over het algemeen wordt in de wetenschap het gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek gezien als de beste techniek om het attributievraagstuk aan te pakken. Omdat je met behulp van deze kwantitatieve methode een degelijke schatting kan maken van de zogenoemde ‘counterfactual’: dat wat plaats zou hebben gevonden indien het project niet had plaats gevonden.

Geen tijd, geen geld…

In sommige gevallen is het simpelweg niet praktisch of niet mogelijk om een dergelijk experimenteel onderzoek uit te voeren, omdat tijd, geld en expertise ontbreken. Bovendien komt het vaak voor dat er geen nulmeting beschikbaar is, of er geen controlegroep geïdentificeerd is. Dit maakt het onmogelijk om de counterfactual te schatten.

In dergelijke situaties bieden kwalitatieve benaderingen voor het analyseren van impact (tot op zekere hoogte) soelaas. Hierbij wordt impact niet vergeleken met de counterfactual, maar ligt de nadruk op het verkrijgen van een beter inzicht in het project. Hoe werkt het precies, hoe denken belanghebbenden erover en hoe worden die beïnvloed door het project. Dit soort data kan bijvoorbeeld vergaard worden met diepte-interviews, het organiseren van een focusgroep of het uitvoeren van een casestudie.

Kwalitatief vs kwantitatief

Vanuit het kwantitatieve kamp wordt veel kritiek geuit op deze kwalitatieve aanpak van impactmeten. Het zou volgens de tegenstanders onmogelijk zijn het attributievraagstuk op consistente wijze aan te pakken. Als reactie daarop zijn er allerlei handvatten ontwikkeld om een kwalitatieve impactmeting meer betrouwbare resultaten te laten opleveren. Daarover meer in een volgend blog.

Koen Verkoijen

Student aan de Radboud Universiteit en stagiair bij MVO Nederland. Koen voert een impactmeting uit bij reisorganisatie Footprint Travel, een partner van MVO Nederland.